Hoe verloopt de arbeid?

 
 
  • Door een vaginaal onderzoek evalueert de vroedvrouw de ontsluiting van de baarmoederhals.

 

  • Aan de hand van de verkregen informatie ( vaginaal onderzoek en CTG) overlegt de vroedvrouw met de behandelende gynaecoloog of gynaecoloog van wacht en wordt er beslist of u al dan niet opgenomen wordt. Het is niet abnormaal dat u nog terug naar huis kan, ook al hebt u al voorweeën. Voorweeën zijn de aanloop naar de eigenlijke arbeid en deze aanloop kan soms enkele dagen in beslag nemen.

 

  • Op het verloskwartier verblijft u in een ‘arbeidskamer’ tot u gaat bevallen. De vroedvrouw zal u met raad en daad bijstaan om de arbeid zo comfortabel mogelijk te laten verlopen.  Baarmoedercontracties of weeën zijn pijnlijk, maar als u zich goed kunt ontspannen zijn ze draaglijker. Hierbij zijn de aangeleerde prenatale ademhaling -en ontspanningsoefeningen van groot nut Indien u het wenst en uw toestand het toelaat, kunt u tijdens de arbeid gebruik maken van een warm bad of ontspannen op een zitbal.

 

  • Epidurale anesthesie ( de zogenaamde ‘ruggeprik’) is een verdovingstechniek van het onderlichaam.  Deze heeft tot doel de bevalling pijnloos te laten verlopen.  Indien u meer informatie wenst over epidurale anesthesie kunt u onze brochure ‘Pijnloos bevallen …’ raadplegen. In het ziekenhuis is er 24u/24u een anesthesist aanwezig om epidurale anesthesie toe te passen indien u dat wenst.

 

  • De vroedvrouw houdt de gynaecoloog op de hoogte van de evolutie van uw arbeid en verwittigt hem tijdig om de bevalling uit te voeren.

 

  • De bevalling gebeurt in de ‘verloskamer’. Onmiddellijk na de bevalling wordt uw kindje verzorgd in de babykamer die gelegen is naast de verloskamer.

 

  • Na de geboorte ga jij met je partner en je kindje nog ongeveer een uurtje terug naar de ‘arbeidskamer’. Zo kunnen jullie nog even uitrusten in een frisse kamer en natuurlijk genieten van jullie kindje. Zo je borstvoeding geeft zullen de vroedvrouwen je hier reeds helpen bij de eerste voeding.